Omvallen
- 01 september 2010Collega’s,
Ergens, in een kantine van een Utrechtse vereniging, klonk ’s avonds een kreet. Hij was dood. Anton. Uitgesproken met die typische, harde, lelijke ‘a.’ Het werd even stil, het was een wonderlijk moment, toepasselijk bij het heengaan van een wonderlijk mens van wie het vanzelfsprekend leek dat hij nooit zou omvallen. Geesink voelde zich even vaak groot als onbegrepen. Dat laatste was natuurlijk de schuld van ons, de media. Maar als het erop aankwam wist hij ons verdomde goed te vinden. Ook ik kreeg een keer een brief, na een spottend stukje over één van zijn vele gevechten tegen windmolens. Geesink zag de humor er niet van in en bleef volharden in het verduidelijken van zijn standpunt. Dat was dus Anton. Altijd goed voor een stukkie. We zullen hem missen.
Marc Hoeben
Voorzitter NSP