Het nieuwe jaar is nog maar enkele dagen jong of Ronald ten Brink heeft zijn job bij De Volkskrant voltooid. De sportredacteur werd de derde dag van 2012 65 jaar en pakte zijn spullen in. Hij gaat zich richten op andere zaken. Lekker niks doen bijvoorbeeld lijkt hem ook heerlijk. We stelden de scheidende collega enkele vragen.
Je werkte gewoon door tot de 65?
Ten Brink: “Ja, waarom niet. Ik ben een van de weinigen, dat weet ik. Maar ik vond het leuk. We hebben een leuk vak. Ik kan het iedereen aanbevelen. Ik heb een buitengewoon prettige tijd gehad als journalist.”
Hoe ziet je carrière er kort samengevat uit?
“Ik ben begonnen als leerling journalist in december 1968; bij De Volkskrant, half op de sport en half op de opmaak. Na twee jaar – op 1 januari 1971 – kwam ik vast op de sportredactie. In september 1992 werd ik chef van Het Vervolg, in 1995 werd ik chef nacht. Zes avonden in de week. Op 1 januari 2003 keerde ik terug op de sport, waar ik vanaf 2007 weer ging coördineren. Ik heb het een en ander meegemaakt. Op de krant en erbuiten. Twee WK’s voetbal in 74 en 78, vijf keer de Winterspelen, 15 keer Wimbledon, 8 keer de US Open, 7 keer Roland Garros.”
Wat vind je nu het hoogtepunt?
“Die keuze maken is moeilijk. Eric Heiden met zijn vijf gouden medailles in Lake Placid. De drie gouden medailles van Yvonne van Gennip. Die twee WK’s voetbal en de wedstrijden tussen Borg en McEnroe. De eerste Europa Cup van Ajax toen je na afloop nog gewoon in de kleedkamer mocht. Ik heb het allemaal als bijzonder ervaren.”
Wat was je beste verhaal?
“Ik herinner me een prachtig interview met Jan Ykema. Of een verhaal met Bart Veldkamp voorafgaand aan de tien kilometer in Albertville toen hij vertelde hoe die tien kilometer zou gaan verlopen. Vervolgens won hij goud. En ook die serie gouden plakken van Yvonne van Gennip. Het maken van goede analyses, zoals bij het schaatsen. Ik heb mooie reportages mogen maken. Het is allemaal alweer lang geleden.”
Is de Volkskrant goed bezig?
“Ja, ik ga weg bij een goede krant. Ik ben zelf wel een liefhebber van broadsheet, maar bepaalde ontwikkelingen hou je niet tegen.”
Jouw ex-collega Guus van Holland nam vorige maand afscheid van de NRC met een forum dat gebasserd was op enkele statements van hemzelf. Sportjournalisten zijn niet nieuwsgierig meer, ze missen historisch besef, ze hebben geen empathie met de sport, ze moeten meer op zoek gaan naar de mens erachter et cetera. Deel jij zijn opvattingen?
“Ik ben van mening dat je in elke periode goede en slechte journalisten hebt en ook goede en slechte kranten. Alles heeft in zijn eigen omgeving zijn tijd. Dat het tegenwoordig achteruit zou gaan, geloof ik niet. Guus mist een aantal elementaire zaken, maar die zijn er ook nu nog steeds. Wel is het zo, dat de journalistiek steeds meer onder druk komt te staan. Dat geldt niet alleen voor de sport, maar voor alle media. Het moet sneller, het mag minder kosten en overal wil men bezuinigen.”
Tot slot: je hebt de aow-leeftijd bereikt. Wat nu?
“Ik ga redelijk vaak op reis en andere dingen doen. Eerst maar eens genieten van het lekker niks meer hoeven.”