Nieuws

GIRO ROSA

 

De espresso in café Milù, aan de Corso Litorania in het kustplaatsje Torre Del Greco, smaakt zoals koffie in Italië hoort te smaken. Op de bodem van een kopje niet veel groter dan een vingerhoedje bevindt zich een klein laagje vloeibaar teer van uitzonderlijke kwaliteit. De beeldschone barvrouw toont aan de edele kunst te verstaan van het schenken van het donkere goud.

De chaos voor de deur van strandtent Lido Tritone, recht tegenover Milù, is chaos zoals die alleen in het zuiden van Italië bestaat. De Giro Rosa eindigt deze zondag onder de rook van Napels en dus moeten de badgasten zich op weg naar hun plekje op het zwarte strand wringen door een haag van opgewonden organisatoren. Koersdirecteur Giuseppe Rivolta weet als geen ander wanorde te creëren als de Ronde van Italië voor vrouwen door De Laars trekt.

Prettige chaos, noemt Anna van der Breggen die andere Giro d’Italia. Na de zege van Tom Dumoulin, anderhalve maand eerder, is een select gezelschap mediavertegenwoordigers afgereisd om getuige te zijn van nieuw Nederlands wielersucces op Italiaanse bodem. De NOS heeft verslaggever Vlado Veljanovski en cameraman Martien Appelman afgevaardigd. Namens De Telegraaf zijn journalist Luuk Blijboom en fotograaf René Bouwman present.

Wat de olympisch kampioene van Rio 2016 eerder die week aan de telefoon bedoelde met haar opmerking dat de ene Ronde van Italië de andere niet is, wordt snel duidelijk. Aan de boorden van de Tirreense Zee blijkt al snel dat de wielrenster geen woord te veel gezegd heeft gezegd. Ze gedijt uitstekend in de janboel tot de tweede macht waar ze tien dagen lang door wordt omringd, zegt ze. Hoe groter de ordeloosheid, hoe beter ze zich voelt.

Werken met wielrenners is een verademing. De vrouwenploeg van Boels-Dolmans vormt daarop geen uitzondering. Het Nederlandse bezoek wordt zaterdag met open armen ontvangen door ploegleider Danny Stam, die al even vermakelijk vertelt over zijn belevenissen. In de lobby van het rennershotel aan de autostrade A3 van Napoli naar Salerno dist Van der Breggen smakelijk
de ene na de andere anekdote op. Twintig minuten volstaan ruimschoots voor een verhaal dat zich vanzelf laat schrijven.

Er is slechts één probleem. Hoe krijg je dat stuk vervolgens op de redactie in Amsterdam?

De organisatie is uiterst consequent waar het de wanorde betreft, zo blijkt wanneer het kwartet Nederlandse verslaggevers zich zondag aan de finish van de slotetappe meldt. Rivolta heeft één ding geregeld voor de media die zijn evenement bezoeken: niets.

Ineens wordt duidelijk waarom de NOS geen beelden kan verzorgen van deze tiendaagse rittenkoers. Anders dan in voorgaande jaren, toen 2.000 euro voor één minuut bewegend beeld werd gevraagd, liet televisiezender RAI ditmaal de eerste negen (van de tien) niets van zich horen, totdat het op de slotdag bereid bleek de eerste beelden (gratis) aan de NOS te leveren.

Media, zoveel wordt al snel duidelijk, zijn de sluitpost op de begroting van de Giro Rosa. Wie zich via de site aanmeldt en vraagt om een accreditatie, krijgt nul op het rekest. Wie belt om te vragen waar de bevestiging van de aanmelding blijft, krijgt de perschef aan de lijn. ‘Parlare Inglese? No, niente!’

Op de bonnefooi afreizen, luidt het devies. Zaterdag overhandigt Stam ons een sticker van de organisatie. Ineens maken we deel uit van de karavaan ploegleiderswagens. Met het plakkaat op de voorruit van de huurauto gaan deuren open die voor Italiaanse badgasten deze zondag gesloten zouden moeten blijven. De lokale bevolking blijkt evenwel via slinkse omwegen alsnog massaal naar het strand te zijn getogen.

Vlak voor de finish parkeren we de wagen op een stoffig grasveld naast een flatgebouw waar de betonrot welig tiert. Om ons heen worden door gezinnen koelboxen en parasols uitgeladen. Wij pakken omzichtig onze kostbare apparatuur uit de achterbak. Het is en blijft immers de regio Napels. Enne, oh ja: of we even drie euro willen aftikken bij een schimmig type dat rond de auto draalt. We hebben geen keuze. Napoli, hè?

Als de perschef eenmaal gevonden is in zijn tentje aan de meet, hangt de roze accreditatie binnen een minuut om onze nek. Legitimatie en perskaart zijn niet nodig. De woorden ‘stampa olandesa’ volstaan. Dat we het verder allemaal maar moeten uitzoeken, wordt er gemakshalve niet bij gezegd.

Aan een perszaal blijkt door de organisatie niet te zijn gedacht. Bij een temperatuur van zo’n veertig graden biedt het terras van café Milù gelukkig soelaas. Op wankele tafeltjes wordt er driftig gewerkt aan beelden en verhalen die met kunst- en vliegwerk via mobiele datanetwerken naar Nederland worden verstuurd. Wifi is er namelijk niet. Wel koffie.

Luuk Blijboom

Anna van der Breggen gaat juichend over de eindstreep

Foto René Bouwman