SCHOT VOOR DE BOEG

KICK HOMMES

HOOGTIJ

Het zijn mooie weken voor de sportjournalistiek. Het WK voetbal is een van die grote evenementen waarin de sport het gesprek bepaalt in Nederland, hoe hoog de temperatuur ook oploopt en hoe verkeerd een penaltyserie kan gaan. Het is een uitgelezen kans voor het vakgebied, en die wordt aangegrepen.

Vanuit Amerika, maar ook uit Mexico of Curaçao, ronken de computers voor talloze verhalen, podcasts, video’s, nog meer verhalen en inmiddels ook analyses waarom het toch weer mis ging. Er is overduidelijk markt voor en dat is goed nieuws voor de sportjournalistiek. Niet slechts voor de publieke omroep, waar miljoenen mensen zelfs nog midden in de nacht nog keken naar Nederland-Tunesië en Nederland - Marokko, ook voor de media die toch tienduizenden euro’s hebben uitgegeven om (meerdere) verslaggevers naar Amerika te sturen.

Kick Hommes

Want vergis je niet: het WK bezoeken is dit jaar heel duur. Maar vooralsnog tonen de verhalen dat de mensen ter plaatse het geld waard zijn. Voor media die alles rond Oranje volgen, en ook voor media die juist de verhalen zoeken om de wedstrijden heen. Wie alles leest en bekijkt komt in een gespreid bedje tussen Oranje en alle andere hoofdzaken, van Infantino tot de oorlog tussen de VS en Iran.

Tegelijkertijd is het ook van belang aandacht te blijven vragen voor de toenemende beperkingen. Het Nederlands Elftal was dit WK een stuk moeilijker te bereiken dan bijvoorbeeld het WK vier jaar geleden. De rondetafelgesprekken, befaamd voor Nederland, waren er niet meer. Af en toe kon men zoomen met een speler. Verder was de pers afhankelijk van de officiële persmomenten die door wereldvoetbalbond FIFA zijn verplicht.

Tevens groeien de bomen ook weer niet zo hoog in de beroepsgroep. Het is duidelijk dat diverse redacties met minder mensen bij het WK aanwezig zijn. Het valt niet al te zeer op omdat zij die er wel zijn extra lijken te werken, maar het blijft goed om te benoemen .

Om dit reden was het belangrijk en mooi dat een van de belangrijkste onderzoeksprijzen in de lage landen afgelopen maand naar sportjournalisten ging. Steven Verseput, Joost Pijpker, Esther Scholten en Matthijs van Dam werden namens NRC en Trouw beloond voor hun werk naar ‘De voetbalfabriek’, over de harde en soms meedogenloze cultuur binnen de jeugdopleidingen van profclubs.

Het was voor het eerst in twintig jaar dat een onderzoek werd beloond (al won Matthijs van Dam in 2023 ook al de aanmoedigingsloep voor zijn werk over arbeidsmigranten in Qatar voor, rond en na het WK). Destijds, in 2006, wonnen Jan Hauspie en Chris Vandenabeele met hun werk naar de criminele praktijken van de Chinese zakenman Zheyun Ye in het Belgische voetbal.

Tussen alle andere journalistiek en met alles wat er in de wereld gebeurt is het bijzonder dat een sportjournalistiek onderzoek juist nu het hoogste podium kreeg. Het gaf enerzijds aan hoe goed het onderzoek was, maar ook dat er dus voor de journalistiek wel degelijk kansen liggen om binnen de sport verhalen te maken die het wereldje overstijgen.

Niet alles wat wordt geschreven hoeft onderzoek te zijn, zeker niet. Maar het zou mooi zijn als er volgend jaar, als de prijzen voor dít jaar worden uitgereikt, wederom een sportjournalistieke productie zou winnen. Misschien wel over het WK. Daar is immers genoeg over te schrijven, zelfs na de uitschakeling van de nationale trots.

Kick Hommes, bestuurslid NSP